3e8.nl

Natuurkunde syllabus vwo

Leestijd: circa 3 minuut.

Inhoud van deze pagina
1 Syllabus 2 Domeinen

1 Syllabus

Het cvte stelt landelijk vast welke stof leerlingen op de middelbare school moeten beheersen en schrijft dat in de zogeheten syllabus.

De vwo-syllabus natuurkunde is geordend in negen kennisgebieden, domeinen genoemd: a tot en met i; die meestal nog subdomeinen bevatten, zie figuur s.1. Daarnaast geeft de syllabus aan hoe het cvte vindt dat je die kennis zou moeten beheersen (denk aan de examenwerkwoorden in bijlage 3) en hoe die (sub)domeinen worden getoetst (op het school- of op het centrale examen).

Afbeelding van tabel met en overzicht van de domeinen.
Figuur s.1 Samenvatting van de domeinen uit de vwo-syllabus natuurkunde. (Uit CvTE 1pril 2017, Syllabus Natuurkunde vwo, pagina 7.)

De vijfde kolom in figuur s.1 laat zien dat het centraal examen (wat je in mei doet) alleen gaat over de (sub)domeinen a-b-c-d-e2-f1-h. De overige (sub)domeinen doe je op school of zelf: e1 en i altijd en een keuze van twee uit het rijtje e3-f2-g1-g2. Jij, je school, je docent of je lesboek hebt/heeft overigens alle vrijheid om de domeinen wel/niet of uitgebreid te leren.

De domeinen van de syllabus zijn met elkaar verbonden doordat ze eenheid hanteren in bewoording en doordat de domeinen op elkaar zijn afgestemd. Je kunt verschillende soorten groeperingen maken van bij elkaar behorende domeinen, ik heb er een gemaakt in figuur s.2, maar er zijn meer groeperingen te maken. De figuur laat ook zien dat als je zelfstandig wilt studeren, je op verschillende plekken kunt beginnen.

Afbeelding van een sortering van de domeinen van de vwo natuurkunde syllabus.
Figuur s.2 Groepering van de verschillende domeinen. In dit figuur is beweging de enige groep die je geheel onafhankelijk van de andere kunt bestuderen; in de andere groepen kom je vroeg of laat begrippen tegen uit subdomein c1 en c2. $^*$ duidt op een keuze-subdomein.

2 Domeinen

A Algemene vaardigheden

Dit domein gaat over vaardigheden die je gebruikt bij natuurkunde: Omgaan met informatie, onderzoeken en dat je meetinstrumenten kunt gebruiken.

B Golven

Domein B golven start met subdomein b1 met de bestudering van trillingen en golven. Subdomein b2 behandelt medische beeldvorming waarbij onder andere ioniserende straling ter sprake komt.

C Beweging en Wisselwerking

Als je weet dat een verandering van snelheid een gevolg is van een netto kracht, dan weet je al de basis van dit domein. Domein C gaat over beweging en hoe je dat zo goed mogelijk beschrijft. Subdomein c1 legt uit over plaats, beweging en kracht van/op massa’s. Daarna behandelt subdomein c2 (mechanische) energie en behandelt subdomein c3 Newtons gravitatie.

D Lading en Veld

Subdomein d1 gaat over elektrische schakelingen en over energieomzettingen daarin. Magnetische- en elektrische velden komen ter sprake in subdomein d2.

E Straling en Materie

Dit domein behandelt hoe je eigenschappen van stoffen kunt beschrijven aan de hand van deeltjesmodellen; het eerste subdomein e1* wordt niet getoetst op het centraal examen, maar is wel examenstof, met andere woorden het wordt getoets in een schoolexamen. Daarnaast komt de wisselwerking tussen straling (denk aan licht) en materie aan de orde in subdomein e2. Domein E sluit je eventueel af met keuzeonderwerp subdomein e3* dat kern- en deeltjesprocessen bespreekt.

F Quantumwereld en Relativiteit

Dit domein gaat over de natuurkunde die ontwikkeld is na zeg 1900. Natuurkundigen gingen toen kijken naar verschijnselen op een hele kleine schaal ($<10^{-6}$ m) wat globaal ter sprake komt in subdomein f1 quantumwereld. Albert Einstein keek in 1904 in z’n eentje naar de relativiteit van beweging en dan bij grote snelheden; subdomein f2* relativiteit is een keuzeonderwerp.

G* Leven en Aarde

Het subdomein g1* behandelt de natuurkunde van levende systemen (biofysica); in subdomein g2* kijk je naar geofysische verschijnselen. Beide subdomeinen zijn keuzeonderwerpen.

H Natuurwetten en Modellen

Natuurkunde gaat onder andere over het herkennen, benoemen en toepassen van fundamentele principes; zeg wetten en modellen.

Modelleren krijgt een steeds grotere rol in de wetenschap. Daarom heb ik een apart hoofdstuk over dit onderwerp geschreven; ook omdat het onderwerp veel blijkt terug te komen in examens en omdat leerlingen (en collega’s) het lastig vinden. Nu alvast een tip: Start makkelijk via Tom Kooij’s webapp modelleertaal dan heb je geen licentie noch een knoppencursus nodig

I Onderzoek en Ontwerp

Domein i geeft aan dat i1experimenteren, i2 ontwerpen en ook het zojuist genoemde i3 modelleren ook een onderdeel zijn van de natuurkunde op school. Overigens wordt domein i niet op het centraal examen getoetst.

SE, CE?

Domeinen e1-e3*-f2*-g1*-g2*-i1-i2-i3 worden alleen getoetst op het schoolexamen; van domeinen e3*-f2*-g1*-g2* moet je twee kiezen.

laatste aanpassing: 18-2-2020.